Bij sommige dossiers valt op dat eBlinqx Hypotheekadvies een hoger bedrag aan overdrachtsbelasting toont dan 2% van de koopsom. Dat is geen fout. eBlinqx Hypotheekadvies volgt hierin de wettelijke heffingsmaatstaf.
De hoofdregel
De overdrachtsbelasting (2% voor woningen die als hoofdverblijf gaan dienen) wordt berekend over de hoogste van twee waarden:
de koopsom (de tegenprestatie), of
de marktwaarde van de woning (waarde in het economisch verkeer).
De koopsom is daarmee een ondergrens, geen automatische grondslag. Ligt de marktwaarde hoger dan de koopsom, dan rekent eBlinqx Hypotheekadvies met de marktwaarde.
Rekenvoorbeeld
Grondslag | Bedrag | 2% overdrachtsbelasting |
Koopsom | € 775.000 | € 15.500 |
Marktwaarde vóór verbouwing | € 801.000 | € 16.020 |
De marktwaarde is hoger, dus die is leidend. eBlinqx Hypotheekadvies toont daarom € 16.020 en niet € 15.500.
Wanneer wijkt de grondslag af van de koopsom?
In de meeste dossiers zijn koopsom en marktwaarde gelijk en valt het verschil weg. De marktwaarde kan hoger uitvallen bij onder andere:
aankoop onder de marktwaarde (bijvoorbeeld van een familielid of bekende);
een woning die niet op de vrije markt is aangeboden;
een getaxeerde waarde die boven de overeengekomen koopsom ligt.
In die situaties is de hogere waarde de juiste grondslag. Bij twijfel over de waardebepaling toetst uiteindelijk de notaris (en zo nodig de inspecteur) welke waarde geldt.
Wettelijke basis en bron
De heffingsmaatstaf voor de overdrachtsbelasting is de waarde van de onroerende zaak, en die is ten minste gelijk aan die van de tegenprestatie (de koopsom). De waarde wordt uitgelegd als de waarde in het economisch verkeer. Belastingdienst
Wet: artikel 9, eerste lid, Wet op belastingen van rechtsverkeer (WBR), in samenhang met artikel 52 WBR.
Belastingdienst: bevestigd door de Kennisgroep overdrachtsbelasting, publicatie KG:052:2025:2 (kennisgroepen.belastingdienst.nl).
